
ObjectenJavascript is een object gebaseerde taal. Door middel van een aantal standaard objecten kun je je pagina flink opknappen. En door aan zo'n object een opdracht te geven kun je een resultaat bewerkstelligen. Elk object heeft eigen gedrag, onder te verdelen in eigenschappen en methoden. De eigenschappen van een object geven de vormgeving aan van een object, de methoden de mogelijke taken/functies van een object.
| Object | Methode |
| window | prompt |
| document | write |
| window | alert |
Om een object te gebruiken op je site moet je de juiste syntax weten van het werken met objecten. Allereerst schrijf je de naam van het object, daarna de methode en tot slot de parameterlijst.
Window.prompt (“Wat is jouw naam?”, “”);
Tussen het object en de methode komt altijd een punt te staan. Met het voorbeeld kun je op je site verder nog niet zo veel. Dit kan pas als je weet hoe je een variabele aan de invoer koppelt. In het voorbeeld is Window het object en prompt de methode. Tussen de haakjes komen parameters te staan.
Document.write (“Welkom”);
Ook in dit voorbeeld geldt het weer. Document is het object en write is een methode die hoort bij document. Deze opdrachtregel geeft de browser opdracht om de tekst Welkom op het scherm te schrijven. Dit is de parameter van de methode write en het object document.
|